Archive for the ‘How to’ Category
gmapsupp.img naar Mapsource
Je hebt kaartmateriaal wat bijvoorbeeld meegeleverd word met de GPS of alleen beschikbaar is op een geheugenkaart, deze zijn niet standaard te laden in Garmin Mapsource software. Er is een manier om deze kaarten toch beschikbaar te krijgen in Mapsource. Grote voordeel is dat je de kaarten op je PC kunt bekijken, alleen bepaalde delen naar je GPS kunt sturen en beter routes kunt plannen. Hiervoor moet je het gmapsupp.img bestand omzetten naar bestanden die in Mapsource in te laden zijn. Hiervoor heb je een 3-tal programma’s nodig die je gratis van het internet kunt afhalen.
Gmaptool – Dit programma converteert het gmapsupp.img bestand naar een Mapsource kaart
cGPSmapper – Kaart compiler
MapSetToolKit – Programma voor het installeren en deinstalleren van kaarten in mapsource (niet perse nodig voor het converteren van gmapsupp.img naar Mapsource
Stap 1.
Download en installeer (pak-uit) Gmaptool en cGPSmapper.
Stap 2.
Open Gmaptool.exe, klik op “Add Files” en selecteer je gmapsupp.img bestand.
Stap 3.
Kies de “Options” tab, klik “cgpsmapper” en verwijs naar het cgsmapper.exe bestand.
Stap 4.
Maak een directory aan (bijv. C:\map1), Kies in Gmaptool de “Split” tab en selecteer de zojuist aangemaakt directory bij “Directory”.
Stap 5.
Zet een vinkje bij “Compile preview map”. Optioneel kan je nog de PID en FID invullen. Als je kijkt onder “Files”tab en dan op “Info” drukt krijg je de betreffende PID en FID. Klik op “Split” om het converteer proces te beginnen.
Stap 6.
Als het converteren klaar is, sluit Gmaptool, en ga naar de C:\map1 directory, verplaatst eventueel deze directory naar bijvoorbeeld de C:\Garmin\ directory, hier staat ook al het andere kaartmateriaal, vervolgens start “install.bat” uit de map1 directory, het uitvoeren van dit bestand zorgt ervoor dat de kaart geïnstalleerd word in Mapsource en daarbij ook de juiste Registry aanpassing word gedaan.
Stap 7.
Je kunt nu Mapsource opstarten en de kaart selecteren en gebruiken.
Stap 8.
Om een kaart te verwijderen, ga naar de directory van de kaart (map1) en start “uninstall.bat” of gebruik MapSetToolkit om de kaart te de-installeren.

DIY: Seat Cordoba handvatten verven
Wat bij veel Seats voorkomt is de versleten handvatten. De buitenste laag van de handvatten bladdert af. Omdat dit er niet zo heel mooi uitziet hebben we deze handvatten onderhanden genomen. Eerst de boel demonteren en schuren. Eerst met grof papier (60), als het ergste eraf is naschuren met grofheid 80 en schoonmaken met ammoniak, voor een goede ontvetting. Dan 2x in de grondverf en een dag goed laten drogen. De gegrondverfde handvatten nog even schuren met papier grofheid 100 en de boel ontvetten. Vervolgens 2 lagen grijze verf en de boel weer monteren.
Het resultaat, handvatten zo goed als nieuw!
Nieuwe wanddecoratie
Sinds wij in ons huisje aan de gelderlandstraat wonen hadden wij aan de muur achter de bank een grote poster hangen. Deze kwam de laatste tijd echter steeds vaker naar beneden vallen en we waren er onderhand wel op uitgekeken. Tijd voor wat nieuws was het dus!
Gisteren bij een bezoekje aan de IKEA kwam het nieuwe creatieve plan naar boven. We hebben 3 meter gordijnstof gekocht en een gordijnroede. Vandaag nadat Bianca een paar uur achter de naaimachine te heeft gezeten en Stefan de de klusman heeft uitgehangen hangt onze nieuwe woondecoratie aan de muur. Een mooi strak stuk doek in beige met lichtbruin en groene tinten. Een leuke frisse verandering vinden wij zelf.
Voorjaars bloemstuk
Het voorjaar is begonnen, dus is het ook weer tijd om de planten in huis weer is op te frissen en eventueel te vervangen. Maak eenvoudig je eigen voorjaarsstuk. Een glazen cilindervaas heb ik gevuld met een laag boomschors, met daar bovenop een laag grote kiezels. Dan in het midden wat potgrond met daarin Narcissen geplant en als laatste wat hooi eromheen en klaar is je voorjaars bloemstuk. Het is natuurlijk ook mogelijk om met andere materialen lagen te maken of een ander soort glazen vaas te gebruiken.
Versleten ketting
Een van de meest voorkomende problemen bij het fietsen is dat de ketting doorschiet, dat is wanneer je pedaal doorschiet als je druk op je pedalen levert tijdens het fietsen. Dit komt meestal doordat er of een schakel stijf is of de ketting versleten is.
Kettingen zullen in de loop van de tijd uitrekken, niet letterlijk rekt de ketting uit, maar de ketting word langer doordat de scharnierpennen dunner en de gaten groter worden. Er is gereedschap op de markt waarmee je de ketting slijtage kan meten, maar de makkelijkste en goedkoopste manier is om gewoon een liniaal te gebruiken (het liefst 1 waar ook inches op staan)
Meten van de ketting
Laat je ketting gewoon op de fiets zitten en plaats de ’0′ van de liniaal ter hoogte van het midden van één van je ketting pinnetjes. Tel nu 24 schakels. Een nieuwe ketting zal precies op de 12inch = 305mm uitkomen. Is de ketting meer dan 3mm gesleten dan is hij aan vervanging toe. Meet je meer slijtage dan is de kans dat je achtertandwielen ook moeten worden vervangen, alleen een nieuwe ketting helpt dan niet.
Cassette (achter-tandwielen)
De reden dat je de achtertandwielen ook moet vervangen bij grote slijtage is dat de achtertandwielen vaak mee slijten met de ketting, als de ketting uitrekt, word het gat tussen de tanden ook wijder. Dit veroorzaakt dat de ketting boven op de tanden komt te liggen en doorslipt als je trapt.
Voor-tandwielen
Je tandwielen aan de voorkant hoeven meestal niet vervangen te worden. Omdat deze tandwielen een veel grotere diameter hebben, duurt het vaak ongeveer 2x langer voordat ze slijten. Als deze versleten zijn is dat makkelijk te zien. Ze zullen er dan uitzien als haaien tanden, heel scherp dus.
Versnellingen
Eén van de meest frustrerende mechanische mankementen tijdens het fietsen is wel een slecht functionerende versnelling. Je kan je derailleurs echter makkelijk zelf afstellen in een paar eenvoudige stappen, zodat ze hun werk kunnen doen zoals het moet. Heb je de fietsenmaker niet voor nodig…
Achterderailleur
1.
Op de achterderailleur zitten twee schroeven: Schroef 1 (L) dient om het minimum (kleine tandwiel) in te stellen, terwijl schroef 2 (H) dient om het maximum in te stellen. Met behulp van stelwieltje 3 kan je de kabelspanning verhogen of verlagen. (Er moet geen speling in de kabel te voelen zijn wanneer de ketting over het kleinste tandwiel ligt.)
Schroef A dient om de afstand van de derailleur tot het grootste tandwiel in te stellen.
Allereerst begin je met de controle van de kabelspanning. Zet de achterderailleur op het kleinste tandwiel achter. De kabel moet licht gespannen zijn. Zit er nog speling in de kabel, dan zal de derailleur niet direct reageren op een schakelbeweging. Span de kabel aan d.m.v. stelwiel 3 aan (lees; uit) te draaien. Is de kabel echter erg ‘ongespannen’, draai dan de imbus los op de derailleur en span de kabel op deze manier.
Mocht je een zgn. ‘Rapid Rise’ XTR derailleur hebben, dan begin je op het grootste tandwiel. De kabel is dan immers ontspannen…
2.
Zet de achterderailleur op het kleinste tandwiel. Gaat de ketting niet op het kleinste tandwiel, controleer dan eerst of de kabel niet te gespannen is. (Draai 3 naar links om de kabel te ontspannen) Stel nu met behulp van schroef 1 het minimum in, zodat de ketting soepel op het kleinste tandwiel gaat, maar er niet overheen kan springen.
3.
Zet de derailleur nu op het grootste tandwiel. Ga te werk precies zoals bij stap 2. Schroef 2 dient om het maximum in te stellen. Ga na het instellen van het maximum bereik nog even na of de schakelwerking soepel verloopt bij alle versnellingen.
Raakt het bovenste derailleurwieltje tegen het grootste tandwiel, draai dan de stelschroef bij de achterpat aan.
Voorderailleur
Je gaat bij de voorderailleur precies hetzelfde te werk als bij de achterderailleur. Met behulp van schroef 1 stel je het minimum (kleine blad) in, met behulp van schroef 2 het maximum. Controleer na afloop de schakelwerking… Doorloop alle mogelijke combinaties om te controleren of alles correct staat afgesteld.
Let op: Vooral met combinaties met een extreem groot bereik (22-46 en 11-34) is het vrijwel onmogelijk om de ketting in de ‘extremen’ zonder aanlopen te laten lopen.
Nog steeds niet goed?
1. Controleer of je ketting is versleten. Als dit het geval is, en je deze al gedurende lange tijd erop hebt, zal je zowel je ketting als je cassette moeten vervangen.
2. Controleer de staat van je kabels.
V-brakes
Verwijder en inspecteer remblokken
Duw het beschermende rubber van de v-brakes wat opzij, zodat de remkabel van het quick release mechanisme losgemaakt kan worden.
Verwijder vervolgens de remblokjes. V-brakes remblokjes hebben 2 sets van ringen aan elke kant van de rem arm. Let goed op hoe deze ringen geplaatst zijn, zodat ze opdezelfde manier terug geplaats kunnen worden.
Inspecteer de remblokken. Of ze versleten zijn is te zien aan de indicator lijn die op de remblokjes aanwezig zijn. Zijn ze versleten tot deze lijn of het metaal komt door het oppervlak dan moeten ze vervangen worden. Als ze goed zijn gebruik dan wat schuurpapier om ze licht op te schuren.
Rem arm spanning
Nu moet de rem arm spanning gecontroleerd worden. De rem armen moeten goed op spanning staan, zodat als je je rem loslaat na het remmen de remmen ook weer terugspringen. Is er niet genoeg spanning dan zul je de spanning moeten verhogen aan beide kanten. Maak de rem armen los aan beide kanten, maar haal ze er niet helemaal af.
Achter de rem arm vlak bij het montage punt zie je een klein stukje metaal uitsteken. Dit is de veer, die in 1 van de 3 gaatjes valt van je voorvork. Om de spanning te vergroten, maak gebruik van het bovenste gaatje, om de spanning te verlagen gebruik het onderste gaatje. Meestal is het middelste gaatje goed. Maak daarna de bevestigings bout weer vast.
Remmen installeren
Installeer nu de remblokken weer op de armen, met de ringetjes in dezelfde volgorde als ze op de oude zaten. Plaats de remblokken zo, dat ze plat tegen de velg aangedruk zijn. Als je de remblokken hebt vastgemaakt, controleer dan goed van voren en van opzij of ze goed tegen de velg aan zitten, en niet de band raken!
Nu de remblokken erop zitten, controleer de positie van de rem armen. Deze moeten recht omhoog wijzen als de rem is aangespannen, dus als de remblokken de velg raken. Als deze te schuin staan dan zul je de ringen op de remblokken van positie moeten verwisselen. Een set van ringen is vaak dikker dan de andere. Als je rem armen te ver uitelkaar staan, zorg er dan voor dat de kleinste ringen aan de binnenkant zitten (dus dichts bij de remblokken). Als je rem armen te dicht bijelkaar staan, zorg er dan voor dat de grootste ringen aan de binnenkant zitten.
Kabel spanning
Verbind nu de remkabel weer met de rem armen. Controleer nu de spanning en pas zo nodig aan door de kabel verder of minder ver door de klem bout te trekken. Dus eerst ietsje losdraaien, zodat je net de ruimte hebt om de kabel er doorheen te trekken. Je moet hier een beetje mee spelen totdat je remmen goed aanvoelen.
Rem arm centreren
Zorg ervoor dat beide remblokken op dezelfde afstand van de velg zitten en niet aanlopen. Beide remblokken moeten de velg raken op hetzelfde moment. Gebeurt dit niet, dan kun je de remmen aanpassen met behulp van de stel schroefjes die zich aan de zijkant van de remarm bevinden met een schroevendraaier.
Spaken spannen
Voor het zelf spannen van kun je bij elke fietswinkel voor een paar euro’s wel een spakenspanner kopen.
De spaken zitten links en rechts in de velg geschroefd. Het principe van een wiel richten is dan eigenlijk ook heel eenvoudig. We halen de slag eruit door de spaken aan de overzijde van slag aan te draaien. Soms moet je eerst de spaken aan de kant van de slag iets los draaien, voordat je de spaken aan de andere kant kunt opspannen. Een hoogteslag halen we eruit door over de lengte van de hoogteslag de spaken iets aan te draaien. Een deuk halen we eruit door over de lengte van de deuk de spaken wat losser te zetten. Dit klinkt makkelijk, maar je hebt er ook wat gevoel bij nodig. Hoeveel slagen je de spaken moet opspannen, leer je door veel wielen te richten en te maken. Je moet het gevoel krijgen hoe de verschillende materialen reageren als je de spanning gaat regelen. Ook leer je dan te beoordelen of een wiel nog wel of niet te richten is.
Points of Interests
Bij de kaarten die je kunt krijgen voor de gps zitten vaak al een groot aantal POI. Echter zijn er via internet nog veel meer te verkrijgen, of je kunt ze natuurlijk zelf maken. Er zijn wel een aantal grote bronnen te vinden, die een groot aantal POI’s aanbied voor verschillende landen. Het is natuurlijk nooit gegarandeerd dat ze nog bestaan, maar het kan een handig hulpmiddel zijn onderweg, bijvoorbeeld campings, supermarkten en geocaches.
POI bronnen:
| Campings van heel europa als Point of Interest | archiescamping |
| Uitgebreide verzameling van POI’s | poi66 |
| Verzameling POI’s | poiplace |
| POI’s van over de hele wereld | gps-waypoints |
| Franse geocaches | geocaching france |
Laden van POI’s op een Garmin GPS (handheld):
- Installeer Garmin’s POI Loader
- Download POI bestand als .csv of .gpx (of maak zelf in mapsource waypoints aan)
- Om een plaatje op de gps erbij te krijgen, plaats in dezelfde map een .bmp plaatje en geef die dezelfde naam als het .csv/.gpx bestand.
- Sluit de GPS aan op de computer en selecteer via Instellen/Interface de USB Massa opslag of sluit het sd kaartje via een kaartlezer aan op de computer
- LET OP POI loader versie < 2.6.0: de POI loader maakt op de sd kaart een nieuw bestand aan. Als je later nog meer POI’s wil toevoegen dan zullen de POI’s die al op de GPS staan worden overschreven. Daarom: Open via verkenner de map POI op de sd kaart en hernoem het bestand, de naam van het bestand is ook de naam van de categorie die zal verschijnen op de GPS.
- Open POI Loader en kies voor opslaan op Garmin-apparaat
- Kies vervolgens voor de gewenste doel schijf
- Kies voor express en selecteer het mapje met de .csv/.gpx bestand(en)
- Kies een naam voor het POI bestand op de GPS (naam is ook de naam van de categorie die zal verschijnen op de GPS.)
- De punten worden naar de GPS / SD kaart gestuurd
- Voor meer categorieen begin weer bij stap 6 etc..
Heb je nog vragen of kom je er niet uit, neem gerust contact op.
Kranten kweek potjes
Kweek potjes en/of trays kun je kopen in de winkel voor het kweken en zaaien van plantjes en bloemen, echter kun je ook op een goedkope manier zelf kweekpotjes maken. Het enige wat je nodig hebt zijn kranten, er komt geen lijm of plakband aan te pas.
1. Neem een grote pagina uit de krant en leg het open neer
2. Scheur of knip de pagina door de midden
3. Pak 1 van de 2 helften en draai deze 90 graden, zodat de lange kant naar je toe ligt
4. Vouw deze op het midden van links naar rechts
5. Vouw hem nog een keer van beneden naar boven
6. En vouw hem nog een keer van links naar rechts
7. Vouw nu de rechteronderhoek (A) tot het midden, let goed op hoe de markering A verplaatst is
8. Draai de krant om en doe nu weer hetzelfde als in stap 7
9. Open de zijkanten om het volgende te krijgen
10. Vouw de zijkanten naar het midden
11. Vouw ze nog een keer
12. Draai alles om en herhaal stap 10 en 11
13. Vouw de bovenkanten om
14. Nu kun je het bakje openen
15. Nu kun je kiezen om de oren naar buiten te laten of naar binnen te vouwen. Als je de bakjes vult met grond dan blijven ze vanzelf aan de binnenkant zitten
- Stap 1
- Stap 2
- Stap 4
- Stap 5
- Stap 6
- Stap 7
- Stap 8
- Stap 9
- Stap 10
- Stap 11
- Stap 12
- Stap 13
- Stap 14
- Stap 15
- Eindresultaat
- Eindresultaat
You are currently browsing the archives for the How to category.









































