Flower

Posts Tagged ‘Handleiding’

Versnellingen

Eén van de meest frustrerende mechanische mankementen tijdens het fietsen is wel een slecht functionerende versnelling. Je kan je derailleurs echter makkelijk zelf afstellen in een paar eenvoudige stappen, zodat ze hun werk kunnen doen zoals het moet. Heb je de fietsenmaker niet voor nodig…

Achterderailleur

Achterderailleur

1.
Op de achterderailleur zitten twee schroeven: Schroef 1 (L) dient om het minimum (kleine tandwiel) in te stellen, terwijl schroef 2 (H) dient om het maximum in te stellen. Met behulp van stelwieltje 3 kan je de kabelspanning verhogen of verlagen. (Er moet geen speling in de kabel te voelen zijn wanneer de ketting over het kleinste tandwiel ligt.)
Schroef A dient om de afstand van de derailleur tot het grootste tandwiel in te stellen.
Allereerst begin je met de controle van de kabelspanning. Zet de achterderailleur op het kleinste tandwiel achter. De kabel moet licht gespannen zijn. Zit er nog speling in de kabel, dan zal de derailleur niet direct reageren op een schakelbeweging. Span de kabel aan d.m.v. stelwiel 3 aan (lees; uit) te draaien. Is de kabel echter erg ‘ongespannen’, draai dan de imbus los op de derailleur en span de kabel op deze manier.

Mocht je een zgn. ‘Rapid Rise’ XTR derailleur hebben, dan begin je op het grootste tandwiel. De kabel is dan immers ontspannen…

2.
Zet de achterderailleur op het kleinste tandwiel. Gaat de ketting niet op het kleinste tandwiel, controleer dan eerst of de kabel niet te gespannen is. (Draai 3 naar links om de kabel te ontspannen) Stel nu met behulp van schroef 1 het minimum in, zodat de ketting soepel op het kleinste tandwiel gaat, maar er niet overheen kan springen.

3.
Zet de derailleur nu op het grootste tandwiel. Ga te werk precies zoals bij stap 2. Schroef 2 dient om het maximum in te stellen. Ga na het instellen van het maximum bereik nog even na of de schakelwerking soepel verloopt bij alle versnellingen.

Raakt het bovenste derailleurwieltje tegen het grootste tandwiel, draai dan de stelschroef bij de achterpat aan.

Voorderailleur

Voorderailleur

Voorderailleur

Je gaat bij de voorderailleur precies hetzelfde te werk als bij de achterderailleur. Met behulp van schroef 1 stel je het minimum (kleine blad) in, met behulp van schroef 2 het maximum. Controleer na afloop de schakelwerking… Doorloop alle mogelijke combinaties om te controleren of alles correct staat afgesteld.

Let op: Vooral met combinaties met een extreem groot bereik (22-46 en 11-34) is het vrijwel onmogelijk om de ketting in de ‘extremen’ zonder aanlopen te laten lopen.

Nog steeds niet goed?
1. Controleer of je ketting is versleten. Als dit het geval is, en je deze al gedurende lange tijd erop hebt, zal je zowel je ketting als je cassette moeten vervangen.
2. Controleer de staat van je kabels.

V-brakes

vrake1

1

Verwijder en inspecteer remblokken
Duw het beschermende rubber van de v-brakes wat opzij, zodat de remkabel van het quick release mechanisme losgemaakt kan worden.
Verwijder vervolgens de remblokjes. V-brakes remblokjes hebben 2 sets van ringen aan elke kant van de rem arm. Let goed op hoe deze ringen geplaatst zijn, zodat ze opdezelfde manier terug geplaats kunnen worden.
Inspecteer de remblokken. Of ze versleten zijn is te zien aan de indicator lijn die op de remblokjes aanwezig zijn. Zijn ze versleten tot deze lijn of het metaal komt door het oppervlak dan moeten ze vervangen worden. Als ze goed zijn gebruik dan wat schuurpapier om ze licht op te schuren.

Rem arm spanning
Nu moet de rem arm spanning gecontroleerd worden. De rem armen moeten goed op spanning staan, zodat als je je rem loslaat na het remmen de remmen ook weer terugspringen. Is er niet genoeg spanning dan zul je de spanning moeten verhogen aan beide kanten. Maak de rem armen los aan beide kanten, maar haal ze er niet helemaal af.
Achter de rem arm vlak bij het montage punt zie je een klein stukje metaal uitsteken. Dit is de veer, die in 1 van de 3 gaatjes valt van je voorvork. Om de spanning te vergroten, maak gebruik van het bovenste gaatje, om de spanning te verlagen gebruik het onderste gaatje. Meestal is het middelste gaatje goed. Maak daarna de bevestigings bout weer vast.

Remmen installeren
Installeer nu de remblokken weer op de armen, met de ringetjes in dezelfde volgorde als ze op de oude zaten. Plaats de remblokken zo, dat ze plat tegen de velg aangedruk zijn. Als je de remblokken hebt vastgemaakt, controleer dan goed van voren en van opzij of ze goed tegen de velg aan zitten, en niet de band raken!

2

Nu de remblokken erop zitten, controleer de positie van de rem armen. Deze moeten recht omhoog wijzen als de rem is aangespannen, dus als de remblokken de velg raken. Als deze te schuin staan dan zul je de ringen op de remblokken van positie moeten verwisselen. Een set van ringen is vaak dikker dan de andere. Als je rem armen te ver uitelkaar staan, zorg er dan voor dat de kleinste ringen aan de binnenkant zitten (dus dichts bij de remblokken). Als je rem armen te dicht bijelkaar staan, zorg er dan voor dat de grootste ringen aan de binnenkant zitten.

Kabel spanning
Verbind nu de remkabel weer met de rem armen. Controleer nu de spanning en pas zo nodig aan door de kabel verder of minder ver door de klem bout te trekken. Dus eerst ietsje losdraaien, zodat je net de ruimte hebt om de kabel er doorheen te trekken. Je moet hier een beetje mee spelen totdat je remmen goed aanvoelen.

Rem arm centreren
Zorg ervoor dat beide remblokken op dezelfde afstand van de velg zitten en niet aanlopen. Beide remblokken moeten de velg raken op hetzelfde moment. Gebeurt dit niet, dan kun je de remmen aanpassen met behulp van de stel schroefjes die zich aan de zijkant van de remarm bevinden met een schroevendraaier.

Spaken spannen

Voor het zelf spannen van kun je bij elke fietswinkel voor een paar euro’s wel een spakenspanner kopen.

De spaken zitten links en rechts in de velg geschroefd. Het principe van een wiel richten is dan eigenlijk ook heel eenvoudig. We halen de slag eruit door de spaken aan de overzijde van slag aan te draaien. Soms moet je eerst de spaken aan de kant van de slag iets los draaien, voordat je de spaken aan de andere kant kunt opspannen. Een hoogteslag halen we eruit door over de lengte van de hoogteslag de spaken iets aan te draaien. Een deuk halen we eruit door over de lengte van de deuk de spaken wat losser te zetten. Dit klinkt makkelijk, maar je hebt er ook wat gevoel bij nodig. Hoeveel slagen je de spaken moet opspannen, leer je door veel wielen te richten en te maken. Je moet het gevoel krijgen hoe de verschillende materialen reageren als je de spanning gaat regelen. Ook leer je dan te beoordelen of een wiel nog wel of niet te richten is.

Spakenspannen

Spaken spannen

Points of Interests

Bij de kaarten die je kunt krijgen voor de gps zitten vaak al een groot aantal POI. Echter zijn er via internet nog veel meer te verkrijgen, of je kunt ze natuurlijk zelf maken. Er zijn wel een aantal grote bronnen te vinden, die een groot aantal POI’s aanbied voor verschillende landen. Het is natuurlijk nooit gegarandeerd dat ze nog bestaan, maar het kan een handig hulpmiddel zijn onderweg, bijvoorbeeld campings, supermarkten en geocaches.

POI bronnen:

Campings van heel europa als Point of Interest archiescamping
Uitgebreide verzameling van POI’s poi66
Verzameling POI’s poiplace
POI’s van over de hele wereld gps-waypoints
Franse geocaches geocaching france

Laden van POI’s op een Garmin GPS (handheld):

  1. Installeer Garmin’s  POI Loader
  2. Download POI bestand als .csv of .gpx (of maak zelf in mapsource waypoints aan)
  3. Om een plaatje op de gps erbij te krijgen, plaats in dezelfde map een .bmp plaatje en geef die dezelfde naam als het .csv/.gpx bestand.
  4. Sluit de GPS aan op de computer en selecteer via Instellen/Interface de USB Massa opslag of sluit het sd kaartje via een kaartlezer aan op de computer
  5. LET OP POI loader versie < 2.6.0: de POI loader maakt op de sd kaart een nieuw bestand aan. Als je later nog meer POI’s wil toevoegen dan zullen de POI’s die al op de GPS staan worden overschreven. Daarom: Open via verkenner de map POI op de sd kaart en hernoem het bestand, de naam van het bestand is ook de naam van de categorie die zal verschijnen op de GPS.
  6. Open POI Loader en kies voor opslaan op Garmin-apparaat
  7. Kies vervolgens voor de gewenste doel schijf
  8. Kies voor express en selecteer het mapje met de .csv/.gpx bestand(en)
  9. Kies een naam voor het POI bestand op de GPS (naam is ook de naam van de categorie die zal verschijnen op de GPS.)
  10. De punten worden naar de GPS / SD kaart gestuurd
  11. Voor meer categorieen begin weer bij stap 6 etc..

Heb je nog vragen of kom je er niet uit, neem gerust contact op.